Pavlovje

Een goede vriend dronk tot voor kort elke avond twee of drie biertjes. We hadden het er wel eens over gehad: is dat nou goed voor je? Maar hij vond dat hij er zich optimaal bij voelde. Tot het moment dat hij zich na het lezen van een artikel over het Pavlov-effect plotseling realiseerde dat de behoefte aan bier opkwam zodra hij ‘s avonds lekker met een boek ging zitten in zijn stoel.

Avond, stoel, boek, bier. Van dat ‘Pavlovje’ gruwde hij, omdat hij zelf helemaal niet meer de baas bleek over zijn gedrag.

Hoeveel ongezonde ‘Pavlovjes’ zou een mens dagelijks meemaken? En wat heb je er voor nodig om zo’n gewoonte te doorbreken?
Argumenten? Een schop onder de kont? Een week rust? Een jaar aandacht?

#Pasopdeplaats #behoeften #pasopdeplaatsjaar #doorbraak

Hup Isabella

“Dat is ruige barok” bromt mijn man als ik de eerste noten van de Sonata Duodecima laat horen. Ik stuitte erop toen ik keek of mijn bedrijf nog steeds de eerste hit was op de zoekopdracht Duodecima. Het bleek een compositie van de zeventiende-eeuwse non Isabella Leonarda (1620-1704). En zo vond ik onverwacht een pareltje.

Isabella regelde dat ze haar energie niet hoefde te verprutsen aan de administratieve lasten die bij haar leidinggevende taak in het klooster hoorde. Zo kon ze doen waarvoor ze geboren was: componeren, muziek maken en muziekles geven. Ze zette haar werk handig in de markt door haar werken niet alleen aan de maagd Maria op te dragen maar ook standaard aan een geldschieter. En ze had lak aan conventies die bepaalden hoe een sonate volgens de moderne opvattingen moest worden opgebouwd. Niks vier delen, ik blijf er gewoon lekker ouderwets net zoveel maken als ik wil.

Hup Isabella!

Speelse topprestatie

Toen ik net begon als leidinggevende is mij wel eens van hogerhand geadviseerd om minder te lachen. ‘Dan nemen de mensen je niet serieus als leider’ werd erbij gezegd. Vermoedelijk heeft Mark Rutte hetzelfde advies gekregen, want we zien hem steeds minder spontaan lachen. Zelf merkte ik dat humor en lichtheid nu eenmaal bij mijn stijl hoorde. Hoe meer ik zong en lachte tijdens het werken, hoe meer werkplezier ik ook bij anderen ervoer en hoe geconcentreerder ik het serieuze werk kon doen.
Maar in sommige situaties blijft lachen not done. We hebben geleerd om tijdens de preek, in vergaderingen, en bij klassieke muziek een ernstig gezicht te trekken. Tijdens zijn concert met het Residentie Orkest ontregelde singer songwriter Rufus Wainwright deze klassieke mores. Hij legde het orkest stil als hij even de draad kwijt was en maakte een dansje bij een vrolijk stukje muziek. Hij schakelde voortdurend tussen een aanstekelijke speelsheid en een geconcentreerde performance als topartiest. Ook zijn klassieke collega, de sopraan Sarah Fox, stikte tijdens het concert een paar keer van het lachen, terwijl ze daarna weer de sterren van de hemel zong. Het poppubliek was zoveel  meligheid wel gewend, maar wat zou het traditionele orkestpubliek en de orkestmusici ervan hebben gevonden? Deze klassieke-muziekliefhebber vond het heerlijk. Leve de speelsheid, leve de ernst.