Bonte kermis in de Abdij

Tot en met de 4e klas was de handwerkles een beproeving. Ik leverde bezwete haakwerkjes, onregelmatige borduurseltjes en breiwerkjes vol gaten af. Het boterde niet tussen mij en de handwerkjuf. Toen ik haar eens trots een kleurrijk tasje liet zien dat ik thuis van restjes wol had gemaakt, zei ze afkeurend: ‘dat is geen breiwerk, dat is een bonte kermis.’

In de 5e klas kregen we een nieuwe handwerkjuf met moderne opvattingen. Wie een oud fietswiel had, mocht het meenemen naar school en er een textielkunstwerk van maken. Ik maakte er een bonte kermis van en ze vond het prachtig. 
In het klooster van Disentis, Zwitserland de Abdij van Disentis kwam ik dat soort kunstwerkjes weer eens tegen, gemaakt door de leerlingen van de plaatselijke lagere school.